Over Classfull addressing

Classfull addressing is opgedeeld in classificaties, de complete 32 bits worden opgedeeld in  Class A t/m D waarbij het eerste deel het aantal mogelijke netwerken betreft en het overgebleven deel het aantal host adressen betreft. Een bit of een aantal voorafgaande (Prefix Vaulue bit(s) bepaald de address Class, deze bits worden ook wel de High-order bits genoemd.

Classful addressing High-order bits Eerste octet address range Aantal bits en te gebruiken netwerken
A 0 (1 bit) 0 to 127 * 8 -1 = 27= 128-2= 126
B 10 (2 bits) 128 to 191 16-2 = 214= 16.384
C 110 (3 bits) 192 to 223 24-3= 221= 2.097,152
D (Multicast) 1110 (4 bits) 224 to 239

*Zo betstaat het Adress Class A uit 1 octet netwerken en 3 octets hosts. Zo maak je met een Class A netwerk 1 t/m 126 (- 0.0.0.0 and 127.x.x.x reserved loopback address om te testen en troubleshooting) en meer als 16 miljoen hosts per netwerk.

Samengevat kunnen de volgende aantallen netwerken en hosts gebruikt worden bij deze classes:

Classful addressing Aantal netwerken Aantal  hosts per netwerk Aantal bits en te gebruiken hosts
A 126* 16.777.214 24=224=16.777.216
B 16.384 65.535 16=65.536-2 =65.535
C 2.097,152 254 8=28=256-2 = 254
D (Multicast)

Veel adressen (address ranges) zijn gereserveerd waaronder het broadcast adres; 255.255.255.255 en adress blocks zoals Private IP addresses. Deze gereserveerde adressen of adres blokken kunnen niet worden gebruikt. Het aantal hosts is dus altijd 2n– 2 waar het alle bits nullen en enen worden afgetrokken. Deze zijn gereserveerd net als bij het loopback adres in het netwerken deel. Bovenstaande adressen zijn Public adressen.

De volgende tabel betreft Private IP adressen:

IP Address Class RFC 1918 Internal Address Range Aantal netwerken
Class A 10.0.0.0 to 10.255.255.255 1
Class B 172.16.0.0 to 172.31.255.255 16 t/m 31 is 16 extra
Class C 192.168.0.0 to 192.168.255.255 1

 

Zie voor extra informatie ook: https://en.wikipedia.org/wiki/Classful_network

The terms are out of date, relating to an era where hard class boundaries were defined for IP networks.  In modern classless networks, the concept makes no sense; you will only subnet or aggregate networks. In Ye Olde Days, there were only 3 classes of networks, Class A, B and C, giving you a choice of 2^24 address, 2^16 addresses, or 2^8 addresses. Once your site was allocated a class, you could further divide it by subnetting. As the Internet grew, this allocation scheme proved too coarse.  The term “supernetting” was coined to describe the act of combining multiple classful networks, violating the class boundaries.  Typically, a supernet would tie a few class C networks together for a site that was too large for a class C and too small for a class B.  Sometimes, class B networks were supernetted.  For example, years ago, Cisco Systems combined 171.68.0.0/16 and 171.69.0.0/16 to form 171.68.0.0/15, a “supenet” or two class B networks. All of this language is obsolete, though.  The modern Internet is classless, and one should only talk of prefixes and subnets.  The act of dividing a prefix allocation is called subnetting and the act of collecting multiple subnets into a shorter network mask for upstream routers is conventionally called aggregation.